H1 Vergelijkingen

Hieronder vind je een overzicht van de vaardigheden die je leert kennen in H1 vergelijkingen uit de 11e editie van Moderne Wiskunde. In dit overzicht worden de vaardigheden afgewisseld met filmpjes waarin onderdelen uit dit hoofdstuk worden toegelicht. Soms wordt er in een filmpje net iets meer lesstof behandeld dan je direct nodig hebt. Dat is niet erg, alleen maar handig bij andere vaardigheden. Als je alle vaardigheden hebt leren kennen en kunt gebruiken, ga je aan de slag met het oefenproefwerk uit het hulpboek.

Planning

Hieronder staan de weektaken voor de komende periode tot aan de toetsweek. Zoals je ziet maak je iedere week twee paragrafen met vaardigheden. De instructiefilms bij de paragrafen bekijk je vóórdat in je de les aan het werk gaat. De opgaven die je gemaakt hebt controleer je met behulp van de uitwerkingen in de elektronische leeromgeving. Als je de weektaak af hebt (én gecontroleerd hebt!), laat je deze aftekenen bij je docent. Dit doe je uiterlijk op de afteken datum (of eerder). Je docent kijkt bij het aftekenen naar de netheid van werken in je schrift en let er steekproefsgewijs op dat je de opgaven goed hebt uitgewerkt en volledig hebt beantwoord. Als dat in orde is zal je docent de weektaak aftekenen.

 Week   Weektaak  Aftekenen 
 4 september  Voorkennis
 11 september  1.1 / 1.3  15 september
 18 september  1.4 / 1.6  22 september
 25 september
 2 oktober

1.0 Voorkennis

In de voorkennis van H1 Vergelijkingen worden vaardigheden herhaald die in een eerder hoofdstuk aan bod zijn geweest en van belang zijn als voorkennis bij dit hoofdstuk. In de voorkennis wordt het verschil tussen exacte getallen en benaderingen herhaald en wordt er geoefend met ontbinden in factoren.Als je twijfelt aan je kennis en vaardigheden hiervan is het raadzaam enkele of alle opgaven van de voorkennis ook te maken.

Ontbinden in factoren – haakjes wegwerken

Ontbinden in factoren – buiten haakjes halen (tweeterm)

Ontbinden in factoren – buiten haakjes halen (drieterm)

1.1 Lineaire vergelijkingen

Bekijk voordat je begint met de opgaven de volgende filmpjes. Doe dat voor thuis, zodat je in de les direct aan de slag kunt met de opdrachten.

Lineaire formules opstellen bij twee gegeven punten

Hieronder zie je welke vaardigheden in welke opgaven behandeld worden; deze opgaven maak je eerst. In de laatste kolom zie in welke opgaven de vaardigheden weer aan bod komen, maar dan gecombineerd met andere vaardigheden. Deze opgaven maak je verderop in het hoofdstuk.

 Vaardigheid   Opgaven   Meer 
 Je kunt een vergelijking oplossen die
 te herleiden is tot een lineaire vergelijking  1, 2, 3, 4, 6
 Je kunt de vergelijking van een lijn opstellen
 door twee punten  5
 door een punt met bekende r.c.  5

1.2 Kwadratische vergelijkingen

Bekijk voordat je begint met de opgaven de volgende filmpjes. Doe dat voor thuis, zodat je in de les direct aan de slag kunt met de opdrachten.

Kwadratische vergelijkingen oplossen

De abc-formule – een stappenplan

Hieronder zie je welke vaardigheden in welke opgaven behandeld worden; deze opgaven maak je eerst. In de laatste kolom zie in welke opgaven de vaardigheden weer aan bod komen, maar dan gecombineerd met andere vaardigheden. Deze opgaven maak je verderop in het hoofdstuk.

 Vaardigheid   Opgaven   Meer 
 Je kunt een vergelijking oplossen die te herleiden is tot een kwadratische vergelijking door
 gebruik te maken van “ontbinden in factoren”  7, 8, 13
 gebruik te maken van de abc-formule  8, 13
 Je kunt de volgende regels gebruiken:
 uit A × B = 0 volgt A = 0 of B = 0  7, 8, 13
 uit A² = B² volgt A = B of A = -B  9, 10, 13
 uit A ⋅ B = A ⋅ C volgt A = 0 of B = C  11, 12, 13

1.3 Wortelvergelijkingen

Bekijk voordat je begint met de opgaven de volgende filmpjes. Doe dat voor thuis, zodat je in de les direct aan de slag kunt met de opdrachten.

Hoe los je een wortelvergelijking op?

Hieronder zie je welke vaardigheden in welke opgaven behandeld worden; deze opgaven maak je eerst. In de laatste kolom zie in welke opgaven de vaardigheden weer aan bod komen, maar dan gecombineerd met andere vaardigheden. Deze opgaven maak je verderop in het hoofdstuk.

 Vaardigheid   Opgaven   Meer 
 je kunt een wortelvergelijking oplossen  14, 15, 16, 17, 18, 19, 20
 Je kunt de volgende regels gebruiken:
 uit √A = B volgt A = B² (mits B ≥ 0)  15, 16

1.4 Gebroken vergelijkingen

Bekijk voordat je begint met de opgaven de volgende filmpjes. Doe dat voor thuis, zodat je in de les direct aan de slag kunt met de opdrachten.

Gebroken vergelijkingen oplossen

Hieronder zie je welke vaardigheden in welke opgaven behandeld worden; deze opgaven maak je eerst. In de laatste kolom zie in welke opgaven de vaardigheden weer aan bod komen, maar dan gecombineerd met andere vaardigheden. Deze opgaven maak je verderop in het hoofdstuk.

 Vaardigheid   Opgaven   Meer 
 je kunt een gebroken vergelijking oplossen  21, 22, 23, 24, 25, 26, 27
 Je kunt de volgende regels gebruiken:
 uit A/B = C volgt A = B • C (mits B≠0)  23, 24, 26
 uit A/B = C/D volgt A • D = B • C (mits B≠0 en C≠0)  25, 26

1.5 Herleiden

Bekijk voordat je begint met de opgaven de instructiefilmpjes die in de digitale omgeving van het boek staan. Doe dat voor thuis, zodat je in de les direct aan de slag kunt met de opdrachten.

Hieronder zie je welke vaardigheden in welke opgaven behandeld worden; deze opgaven maak je eerst. In de laatste kolom zie in welke opgaven de vaardigheden weer aan bod komen, maar dan gecombineerd met andere vaardigheden. Deze opgaven maak je verderop in het hoofdstuk.

 Vaardigheid   Opgaven   Meer 
 Je kunt vergelijkingen herleiden tot een vorm waarin
 de ene variabele wordt uitgedrukt in de andere variabele  28, 29, 30
 Je kunt substitutie gebruiken
 bij het oplossen van vergelijkingen  31, 32, 33, 34, 35, 36

1.6 Ongelijkheden

..